Steeds meer werkgevers en werknemers gaan bij ziekte informeel in gesprek over een terugkeer naar het werk. In 2025 steeg dat aantal gesprekken met 50,9% ten opzichte van 2019. “Deze gesprekken hebben een hoge kans op slagen én zorgen ervoor dat er minder formele interventies nodig zijn. Waar mogelijk kunnen we zo een snelle terugkeer naar het werk realiseren én de connectie met de werkvloer behouden. Als we meer mensen aan het werk willen krijgen, is dit de weg die we moeten bewandelen”, aldus Sylvia Vanden Avenne, senior manager preventie en welzijn bij Liantis.
Informele trajecten
Sinds 2019 zit het aantal informele re-integratietrajecten in de lift. Het aantal steeg volgens een analyse van hr-dienstengroep Liantis met 50,9% in 2025. Het traject houdt in dat medewerkers die ziek thuis zitten op een informele manier in gesprek treden met de arbeidsarts (en dus ook hun werkgever) om een mogelijke terugkeer naar het werk te bespreken.
Volgens Liantis is vooral de laagdrempeligheid van deze informele gesprekken een belangrijke succesfactor. “Werknemers voelen zich minder onder druk gezet dan bij formele re-integratietrajecten, terwijl werkgevers sneller zicht krijgen op wat wél nog mogelijk is, en wanneer en hoe. Het gaat vaak om korte, menselijke gesprekken waarin wederzijds begrip centraal staat. Dat maakt het eenvoudiger om samen te zoeken naar oplossingen, zoals tijdelijke aanpassingen van het takenpakket of een geleidelijke opbouw van het werk”, stelt Sylvia Vanden Avenne, senior manager preventie en welzijn bij Liantis.
Belangrijke hefboom in strijd tegen langdurige afwezigheden
De stijging van het aantal informele gesprekken komt er op een moment dat langdurige arbeidsongeschiktheid in België historisch hoog staat. De federale regering kondigde de voorbije jaren verschillende maatregelen aan om het aantal langdurig zieken terug te dringen, onder meer door in te zetten op vroegtijdige begeleiding en meer samenwerking tussen alle betrokken partijen.
Liantis ziet in de informele gesprekken een cruciale hefboom om die doelstellingen te halen. “Hoe sneller werkgever en werknemer opnieuw met elkaar in dialoog gaan, hoe groter de kans dat iemand op een duurzame manier terugkeert naar het werk. We zien uit cijfers, onder meer van de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid duidelijk dat de kans dat iemand nog terugkeert uit arbeidsongeschiktheid, bijzonder snel daalt na de eerste 6 maanden afwezigheid. In die eerste weken en maanden is de kans dus hoog dat iemand terugkeert naar de werkvloer. Veel medewerkers herstellen, hervatten gedeeltelijk of volledig het werk of vinden een haalbare oplossing om terug te keren naar de werkvloer. Maar na die 6 maanden, zakt die kans drastisch.”
Nieuwe wetgeving
Daarom zet ook de nieuwe wetgeving rond re-integratie hier sterk op in. “In het nieuwe koninklijke besluit staat dat informele trajecten een efficiënte en waardevolle manier blijken om in dialoog te gaan rond een terugkeer naar werk. Daarom kan ook de werkgever voortaan een bezoek voorafgaand aan werkhervatting aanvragen, en dus niet enkel de werknemer.
Daarnaast moeten werkgevers volgens de nieuwe wetgeving een duidelijke en vaste procedure hebben om contact te houden met werknemers die afwezig zijn door ziekte. Die procedure moet ook opgenomen worden in het arbeidsreglement. Wat hier vooral belangrijk is, is dat helder beschreven staat wie contact opneemt en op welke manier. Niet onbelangrijk: begeleid zeker goed de leidinggevenden in je organisatie, onder meer via opleidingen, zodat ze dit goed kunnen toepassen”
Verdere evolutie
Volgens Vanden Avenne blijkt de afgelopen jaren al dat werkgevers steeds sterker inzetten op re-integratie. “We zien uit onze eigen cijfers dat de tijd die onze arbeidsartsen besteden aan opdrachten rond terugkeer naar werk jaar na jaar blijft toenemen, van 5% in 2019 naar meer dan 10% in 2025. Dat gaat over gesprekken, adviesmomenten, beleidsondersteuning en alles wat te maken heeft met duurzaam aanwezigheidsbeleid. En dat kan ik alleen maar toejuichen. Het bevestigt waarom het nieuwe beleid rond re-integratie geen revolutie is, maar een evolutie. Werkgevers zijn al volop bezig met re‑integratie, en het nieuwe koninklijke besluit bouwt gewoon verder op die beweging”, besluit Vanden Avenne.
Bron: Liantis

Catégorie:
Tags: 

