Nu de zomer nadert, zet de vertraging op de Belgische arbeidsmarkt zich door. Volgens de nieuwste editie van de ManpowerGroup Employment Outlook Survey (MEOS) bedraagt de netto-werkgelegenheidsvooruitzichten (Net Employment Outlook – NEO) +8% voor het derde kwartaal van 2026. Concreet betekent dit dat van de 508 ondervraagde werkgevers in België 33% van plan is om tegen eind september het personeelsbestand uit te breiden, 25% verwacht een inkrimping, 39% voorziet geen verandering en 3% is nog onbeslist.
De vertraging is duidelijk: de NEO daalt met 5 punten ten opzichte van het vorige kwartaal en met 12 punten op jaarbasis. Na meerdere jaren van spanningen op de arbeidsmarkt en aanhoudende aanwervingen in de nasleep van het herstel na de pandemie, hanteren Belgische werkgevers nu een meer defensieve aanpak. In een klimaat van aanhoudende economische onzekerheid en gematigde groei geven bedrijven de voorkeur aan kostenbeheersing, stabiliteit van de teams en aanwervingen die meer gericht zijn op strategische competenties.
‘De Belgische arbeidsmarkt gaat een fase van duidelijkere aanpassingen in’, aldus Ronny Lommelen, Managing Director van ManpowerGroup BeLux. ‘Bedrijven blijven personeel aannemen, maar zijn daarbij selectiever. Het stijgende aantal werkgevers dat personeelsinkrimpingen verwacht, toont aan dat economische beperkingen zwaarder wegen op HR-beslissingen. Toch is één op de drie werkgevers nog steeds van plan om mensen aan te werven, wat aantoont dat de markt actief blijft, ook al wordt deze meer gepolariseerd.’
Grotere verschillen in regionale ontwikkelingen
Deze terughoudendheid komt ook tot uiting in de regionale ontwikkelingen. Vlaanderen behoudt de hoogste nettowerkgelegenheidsprognose met +16%, gedragen door een gediversifieerd en relatief veerkrachtig economisch weefsel. Brussel volgt met +6%, maar noteert de sterkste daling op jaarbasis (-29 punten), in een omgeving die bijzonder kwetsbaar is voor de financiële dienstverlening en de publieke sector. Wallonië sluit de regionale ranglijst af met +3%, een daling van 19 punten ten opzichte van het derde kwartaal van 2025 en van 10 punten ten opzichte van het vorige kwartaal.
Voor het eerst sinds meerdere kwartalen vertonen de drie regio’s tegelijkertijd een jaarlijkse daling, een teken dat de voorzichtigheid zich over het hele land heeft verspreid.
Financiën & Verzekeringen verrast, diensten en IT blijven achter
De verschillen tussen de sectoren zijn al even uitgesproken. De sector Financiën & Verzekeringen zorgt voor een verrassing met een NEO van +38%, een stijging van 30 punten ten opzichte van het vorige kwartaal. Het is de enige sector die een jaar-opjaarstijging laat zien onder de statistisch representatieve sectoren, wat wijst op een hernieuwd vertrouwen na meerdere kwartalen van transformatie. De bouw- en vastgoedsector volgt met +22%, ondersteund door infrastructuurprojecten en de energietransitie, ondanks een lichte daling op jaarbasis.
Horeca vertoont technisch gezien de hoogste NEO met +45%, maar dit resultaat is gebaseerd op een kleinere steekproef en moet met de nodige voorzichtigheid worden geïnterpreteerd. Het blijft bovendien sterk dalen ten opzichte van vorig jaar (-55 punten), wat wijst op een terugkeer naar een meer genormaliseerd groeitempo na een uitzonderlijk dynamische periode.
Daarentegen vertonen verschillende sectoren die sterk afhankelijk zijn van diensten en technologie een duidelijke terugval. De sector Professionele, wetenschappelijke en technische diensten noteert een negatieve NEO van -5%, een daling van 45 punten op jaarbasis – de sterkste jaarlijkse daling onder de representatieve sectoren. De informatiesector daalt naar -17% (-29 punten op jaarbasis), wat een sterke aanpassing weerspiegelt in de IT-diensten en de media na meerdere jaren van sterke groei. Het segment Tech & IT Services daalt daarmee van +52% in het derde kwartaal van 2025 naar slechts +4% een jaar later.
De sectoren Openbare diensten, gezondheidszorg en sociale diensten (+4%), Handel & Logistiek (+4%) en Verwerkende industrie (+11%) behouden positieve vooruitzichten, maar vertonen ook een vertraging op jaarbasis, tegen de achtergrond van budgettaire
beperkingen en structurele veranderingen.
‘De sector Financiën & Verzekeringen is zonder twijfel de verrassing van het kwartaal’, benadrukt Ronny Lommelen. ‘Na een aantal jaren van transformatie trekt de sector weer aan op het gebied van werving, met name op het gebied van digitalisering, compliance en gegevensbeheer. Daarentegen maken zakelijke dienstverlening en IT een fase van normalisatie door na een aantal jaren van sterke groei. Dit versterkt de noodzaak voor bedrijven om te investeren in bijscholing en de ontwikkeling van vaardigheden.’
Grote middelgrote bedrijven houden beter stand
De omvang van bedrijven is ook van invloed op de vooruitzichten voor nieuwe aanwervingen. Organisaties met 1.000 tot 4.999 medewerkers laten de hoogste NEO zien (+16%), gevolgd door bedrijven met 10 tot 49 medewerkers (+14%). Deze twee segmenten zijn de enige die een verbetering laten zien ten opzichte van een jaar geleden, wat erop wijst dat bepaalde strategische aanwervingen en lokale behoeften nog steeds bestand zijn tegen de algemene vertraging.
Daarentegen laten zeer grote bedrijven een aanzienlijke daling zien, ondanks nog steeds positieve wervingsintenties, wat een weerspiegeling is van reorganisatie- en personeelsoptimalisatieprogramma’s.
België is voorzichtiger dan zijn Europese buurlanden
Wereldwijd blijven de wervingsintenties positief, met een gemiddelde van +26%. De regio Europa en het Midden-Oosten vertoont echter een sterkere vertraging. In deze context behoort België nu tot de meest voorzichtige markten van Europa, achter Nederland, het Verenigd Koninkrijk en Zweden. Slechts enkele Europese landen laten zwakkere vooruitzichten zien, waaronder Frankrijk, Italië en Duitsland.
Het tekort aan talent blijft de arbeidsmarkt ingrijpend veranderen
Afgezien van de conjunctuur passen de resultaten in een bredere context van spanningen op de arbeidsmarkt. Wereldwijd geeft 72% van de werkgevers aan moeite te hebben met het werven van personeel. Voor het eerst staan vaardigheden op het gebied van kunstmatige intelligentie bovenaan de lijst van moeilijk te vinden profielen, nog voor engineering en traditionele IT.
Hoewel AI een strategische prioriteit is geworden, blijven menselijke vaardigheden essentieel: communicatie, samenwerking en aanpassingsvermogen behoren nog steeds tot de meest gewilde kwaliteiten. Deze aanhoudende schaarste aan vaardigheden verklaart ook de voorzichtigheid die in België wordt waargenomen: bedrijven werven minder aan, maar doen dat op een meer gerichte manier, waarbij ze de voorkeur geven aan profielen met een hoge toegevoegde waarde en meer investeren in de interne ontwikkeling van vaardigheden.
‘Het tekort aan talent verdwijnt niet, het verandert’, zegt Ronny Lommelen. ‘In een onzekere omgeving hebben bedrijven er alle belang bij om hun talentstrategie te herzien: ze moeten sleutelcompetenties veiligstellen, met name op het gebied van AI en data, en tegelijkertijd hun teams begeleiden naar nieuwe functies. Het is dit vermogen om gerichte werving te combineren met bijscholing dat de komende kwartalen het verschil zal maken.’
Bron: ManpowerGroup

Catégorie:
Tags: 

